Fietscomputers door de jaren heen - deel 3

Weinig toerfietsers rijden zonder enige vorm van fietscomputer. Of het nu om wielrenners of mountainbikers gaat, vrijwel allemaal hebben ze enige vorm van prestatie metend apparaat op hun fiets gemonteerd. Vroeger heette zo'n apparaat een kilometerteller, maar die benaming doet de huidige generatie apparaten absoluut te weinig eer aan. Dit artikel is deel drie uit een reeks die dieper ingaat op de ontwikkelingen die de fietscomputer doormaakte.

Derde generatie, de fietscomputer

Vanaf de derde generatie fietscomputers wordt het allemaal iets geavanceerder. Nieuwe functionaliteit wordt toegevoegd als gevolg van technische vooruitgang. Deze generatie fietscomputers betreedt aan het eind van de jaren negentig van de vorige eeuw de markt.

Functionaliteit

Naast de reeds bestaande functionaliteit wordt nieuwe informatie verstrekt aan de fietsers. Elementen die toegevoegd worden zijn: hartslag van de fietser, cadans waarmee gefietst wordt, kracht die de fietser op de cranks overbrengt, het afgelegde hoogteverschil, temperatuur.

Techniek

Omdat er erg veel bijkomt in de derde generatie volgt hier even een lijstje met technische vernieuwingen.

  • Snelheid. Deze wordt nog steeds gemeten met een magneetje in het voorwiel en een ontvanger op de voorvork. De communicatie tussen deze ontvanger en de fietscomputer zelf is draadloos;
  • Hartslag. Deze wordt gemeten met een zogenaamde borstband die de wielrenner onder zijn kleding om heeft. De combinatie tussen de borstband en de fietscomputer is draadloos. Bij de duurdere modellen fietscomputers is deze communicatie gecodeerd om storingen met andere sporters te voorkomen.
  • Cadans. Deze wordt gemeten met behulp van een sensor/magneet die aan de crank wordt bevestigd en een ontvanger op het frame. Dit werkt eigenlijk hetzelfde als de snelheidssensor.
  • Kracht: wil je kracht goed meten, dan is een speciale trapas/crank combinatie nodig. Dit wordt vaak alleen als accessoire bij de duurdere modellen fietscomputers aangeboden.
  • Temperatuur: de fietscomputer heeft een interne temperatuurssensor. Deze zit dusdanig in de fietscomputer verwerkt dat deze geen last heeft van temperatuursschommelingen als gevolg van de rijwind.
  • Hoogte: hier maakt de fietscomputer gebruik van de luchtdruk. In de fietscomputer zit een klein luchtdrukmetertje. Door het verschil in luchtdruk te meten kan het hoogteverschil bepaald worden.

Nadelen

Een nadeel van de hoogtemeting is dat deze niet altijd even betrouwbaar is. Om te beginnen weet de fietscomputer niet op welke hoogte dat iemand start. Dit kan via een instelling natuurlijk wel ingegeven worden (mits je weet op welke hoogte je je bevindt). Daarnaast is de hoogte niet het enige wat de luchtdruk beïnvloedt. Ook veranderend weer kan de luchtdruk beïnvloeden. Hierdoor kan de fietscomputer aan het eind van de rit een onjuist aantal hoogtemeters aangeven.

Toepassing

De gebruikers van het eerste uur van deze apparaten zijn juist de professionele wielrenners. Weergave van cadans, hartslag en vermogen stelt hun in staat hun trainingen perfect te analyseren. Ook de trainingsleer wordt hier natuurlijk op afgestemd, wat het gebruik van deze fietscomputers nog versterkt. Liefhebbers zien dat de profs hier goede resultaten mee boeken en gaan ook met deze fietscomputers aan de slag. Het enige nadeel van deze apparaten is het feit dat ze aanzienlijk duurder zijn dan de tweede generatie fietscomputers.

 

Fietscomputers door de jaren heen
Fietscomputers door de jaren heen - deel 2
Fietscomputers door de jaren heen - deel 4

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

Zoeken

Sponsored Links